Gerard Dummer

Alles over Onderwijs en ICT.

In een vorige post liet ik mijn model zien waarin ontwerpend leren, computational thinking en creativiteit gecombineerd zijn. In deze blogpost een eerste opdracht rondom de BeeBot die hiervan gebruik maakt. Krijg graag feedback op de opzet!

Ontwerpend Leren en de Mogelijkheden Van ICT

Komende periode gaan we met de derdejaars studenten aan de slag rondom Wetenschap en Technologie. Ik wil hierbij graag de cyclus van ontwerpend leren koppelen aan de uitgangspunten van computational thinking en creativiteit. Hieronder een figuur waarin ik de verschillende aspecten op elkaar heb proberen af te stemmen. Het is nog niet perfect naar mijn idee maar geeft me wel houvast om lessen bij te ontwikkelen. Belangrijk uitgangspunt volgens mij is om vanuit een bepaald thema te denken. Dat levert ontwerpproblemen op waar kinderen een oplossing voor moeten vinden. Benieuwd naar je reactie op dit model.

O ja, uitgangspunt bij deze vorm was dat alle teksten goed te lezen moesten zijn (dus geen cirkel waarin je ondersteboven moet lezen).

Op vrijdag 13 november 2015 werd in Breda de VELON-studiedag gehouden met als thema De Toekomst Is Nu. Als themagroep ICT en de lerarenopleider mochten we hier ook een workshop/presentatie geven. Wij hadden als thema gekozen: Feedback en ICT. Wat zijn de mogelijkheden? De presentatie hebben we met de hele themagroep voorbereid en mocht ik samen met Simon Rozendal uitvoeren. Voor een mooi gevulde zaal hebben we daar besproken wat mensen onder feedback verstaan, hoe ze dat organiseren en welke middelen ze al gebruiken. Daarna hebben we zelf laten zien hoe we dat in onze praktijk hebben vormgegeven. Hieronder zie je onze presentatie. Daarbij heb ik onder andere gebruik kunnen maken van de slides die Jeroen Bottema beschikbaar stelde van het lectoraat Teaching, Learning & Technology over feed-up, feedback en feed forward. Deelnemers vonden deze heel inzichtelijk!

De ICT-middelen die we lieten zien waren Google Drive, Screencast-o-matic en het annotatiesysteem ontwikkeld door Jakko van der Pol. Deze laatste tool is erg geschikt om peer-feedback te organiseren. Jeroen schrijft hier ook over op zijn blog. Een mooi middel waar je ook goed de tijd voor moet nemen om dat in te zetten. Ik overweeg om dit te gaan gebruiken bij onze derdejaars studenten die een praktijkonderzoek moeten voorbereiden en uitvoeren.

Korte handleiding Google Drive

Feedback geven via Google Drive.docx

Parijs

No comments

In een vorige post liet ik zien hoe Onderzoekend Leren, 21e eeuwse vaardigheden en ICT samen kunnen hangen. In deze post laat ik opdrachten zien die ik met studenten ga doen. De opdrachten zijn nog niet uitgevoerd en ik krijg er dan ook graag feedback op. Wat mist naar jouw idee? Wat zou anders kunnen? Hoor het graag!

Onderzoekend Leren en de Mogelijkheden Van ICT

Beste collega,

De themagroep ICT en de lerarenopleider van de VELON houdt zich bezig met de integratie van de didactische inzet van ICT in de lerarenopleidingen. Eén van de centrale thema’s in dit proces is op welke wijze de lerarenopleiding en lerarenopleider rolmodel is voor de studenten.

Op het Congres voor Lerarenopleiders in 2015 heeft de themagroep ICT en de lerarenopleider in een sessie met deelnemers het vraagstuk op welke wijze de lerarenopleider rolmodel kan zijn in de inzet van ICT in het onderwijs verkend. De grote verscheidenheid aan antwoorden, maar ook de betrokkenheid van deelnemers bij dit onderwerp, was voor de themagroep reden om verder onderzoek te doen naar dit thema.

Studenten van de lerarenopleiding en lerarenopleiders hebben baat bij rolmodellen in de inzet van ICT in het onderwijs. Er is echter nog weinig zicht op of en hoe lerarenopleiders rolmodellen zijn. Middels een vragenlijst willen we achterhalen in hoeverre lerarenopleiders zichzelf een rolmodel vinden in het gebruik van ICT voor leren en lesgeven.

De vragenlijst bestaat uit de volgende onderdelen:

  • algemene gegevens,
  • het gebruik van ICT in uw bijeenkomsten,
  • het zijn van rolmodel,
  • het delen van informatie over ICT met collega’s en studenten en
  • beschrijving van uw rol.

We stellen het bijzonder op prijs als u uw medewerking wilt verlenen en de vragenlijst wilt invullen. Met het invullen van de vragenlijst bent u ongeveer 15 minuten bezig. De uitkomsten van de vragenlijst zullen worden besproken door de themagroep ICT en de lerarenopleider van de VELON op het Congres voor Lerarenopleiders 2016 in Brussel.

Gegevens in de vragenlijst zal de de themagroep ICT en de lerarenopleider anoniem en vertrouwelijk verwerken.

U kunt de vragenlijst invullen tot en met 15 december 2015. Wilt u meedoen stuur dan een mail naar gerard punt dummer at hu punt nl.

Hartelijk dank voor uw medewerking!

Themagroep ICT en de lerarenopleider van de VELON

Gerard Dummer (Hogeschool Utrecht)
Jeroen Bottema (Hogeschool Inholland)
Jan van der Meij (Universiteit Twente/ELAN)
Amber Walraven (Radboud Docenten Academie)
Simon Rozendal (Noordelijke Hogeschool Leeuwarden)
Maurice Schols (Fontys Lerarenopleidingen Tilburg)

Afgelopen blok hebben studenten de keuzecursus Onderwijs ontwerpen voor de 21ste eeuw gevolgd op de HU Pabo. Volgende week is de makerfair met de presentatie van hun techniekproduct en ICT-product. Afgelopen weken ben ik druk bezig geweest (en zal ik nog zijn) met het 3D-printen van de ontwerpen van de studenten. We gebruikten daarvoor de Ultimaker 2. Dat was één van de mogelijkheden waar studenten bij ICT uit konden kiezen (naast een spel ontwerpen in Scratch en een robot bouwen met Lego MindStorms). Daarbij ben ik met verschillende zaken geconfronteerd die ik van te voren niet had bedacht/ doordacht. Ze klinken zo voor de hand liggend dat het achteraf suf klinkt dat ik ze van te van te voren niet heb bedacht. Maar goed volgend jaar beter. Mijn tips bij 3D-printen.

  1. Gebruik Tinkercad voor het ontwerpen van je 3D-model. Ben ik erg tevreden mee en heb er geen student over horen klagen.
  2. Geef van te voren aan dat het 3D-ontwerp niet meer tijd mag kosten om te printen dan … uur. Volgend jaar ga ik voor maximaal 2 uur. In Tinkercad kun je dit niet zien (volgens mij) maar wel in een programma zoals Cura. Dit jaar kreeg ik in eerste instantie ontwerpen van wel 20 uur of meer.
  3. Overschrijdt een ontwerp toch de 2 uur geef dan aan dat je het ontwerp op schaal print. In Cura kun je dit instellen.
  4. De tijd die Cura aangeeft komt niet overeen met de tijd die de printer er daadwerkelijk over doet. Ik merkte dat de printer er zeker 10% langer over deed.
  5. In Cura kun je ook instellen wat de kwaliteit van je print moet worden (Fast, Good, …). Fast is echt voor een prototype. Good is aardig.
  6. Zorg dat het 3D-ontwerp een kant heeft die plat kan liggen. Nu hadden studenten soms ontwerpen gemaakt die ongeveer schuin geprint moesten worden. Dat werkt niet.
  7. Maak een ontwerp waarbij er niet teveel in de lucht geprint moet worden. Sommige ontwerpen hadden behoorlijke uitsteeksels die slechter uit de printer komen dan wenselijk.
  8. Zorg dat de minimale dikte van een 3D-onderdeel zeker 5 millimeter is. Dunnere onderdelen komen er zwakjes uit en zijn breekbaar.
  9. Print één ontwerp tegelijkertijd. Ik dacht tijd te besparen door meerdere ontwerpen tegelijkertijd te printen. Toen het bij één ontwerp misging had dat gevolgen voor de andere ontwerpen.
  10. Callibreer na elke print de plaat waarop je print zodat je zeker weet dat de volgende print er ook weer netjes uit komt.

Meer tips (behalve niet doen :-)). Hoor het graag. Volgend jaar ga ik trouwens de 3D-print opdracht combineren met Lego MindStorms. Persoonlijke tint aan de robot geven. En voor volgend jaar hoop ik ook de tweede 3D-printer aan de praat te hebben gekregen (want die wilde het filament niet laden).

 

 

Voor de keuzecursus Onderwijs Ontwerpen voor de 21e eeuw moesten de studenten van HU Pabo in Brugge een gps-spel maken. De omgeving die ik hier voor heb ingezet is Actionbound. Na het verkennen van verschillende apps (oa Klikuaklu en Scavify) kwam deze als beste uit de bus. Actionbound is stabiel, gratis en toegankelijk.
De studenten konden er goed mee overweg en hebben verschillende speurtochten in Brugge uitgezet (Kerken in Brugge, De gevels van Brugge en Langs Brugse Beelden).

Werken Met Actionbound


 

 

Ik heb in één plaatje een samenhang proberen aan te geven tussen onderzoekend leren – 21e eeuwse vaardigheden en de mogelijkheden om hierbij ICT in te zetten. Dit is dat plaatje:

Tijdens een bijeenkomst met praktijkopleiders gaf ik een korte presentatie wat we doen met wetenschap en technologie op de Pabo. Als introductie liet ik de deelnemers op papier een Bee-Bot programmeren om een bepaalde route af te leggen (Breng de BeeBot thuis). Zie hieronder:

Als hulpmiddel kregen de deelnemers een leeg A4tje. Toen ik rondliep om te kijken hoe de deelnemers de opdracht uitvoerden zag ik dat iedereen het op een andere manier noteerde. Dat had ik niet verwacht. In die bijeenkomst had ik daar verder nog geen conclusies uit getrokken. Wel bleek dat bij de ene notatiewijze er meer fouten werden gemaakt dan bij de andere notatiewijze. Jammer genoeg had ik toen niet de notatiewijzes verzameld

In een bijeenkomst met studenten heb ik de opdracht nog een keer uitgevoerd en de notatiewijzes wel verzameld. Hieronder volgen de verschillende programmeertalen die de studenten kozen:

 

Notatiewijze 1

Notatiewijze 2

Notatiewijze 3

Notatiewijze 4

Notatiewijze 5

Tijdens de les bleek dat studenten die de eerste notatiewijze hadden gekozen (de meest abstracte vorm) de minste fouten maakten. En dat studenten die de vijfde notatiewijze hadden gekozen (de meest concrete vorm) de meeste fouten maakten bij het programmeren.

Naar aanleiding van deze opdrachten valt natuurlijk nog niets te concluderen maar…

Ik vroeg me af:

  • of studenten met een groter ruimtelijk inzicht vaker zouden kiezen voor de abstracte notatiewijze
  • of studenten die voor de abstractie notatiewijze kiezen minder programmeerfouten zouden maken
  • of een hulpmiddel (in de vorm van ruitjes waarin de code moet worden gezet) helpt om bij het schrijven minder fouten te maken
  • of je wel zou moeten willen werken met een hulpmiddel omdat deze het denken ook weer in één bepaalde richting zal sturen.

Of ik hier verder iets mee moet weet ik niet. Ik vond het opvallend dat de verschillende notatiewijzen werden gekozen. Iemand ander hier ook ervaring mee?

Breder getrokken zou je kunnen zeggen: welke strategie helpt studenten/ leerlingen het beste om een programmeerprobleem op te lossen? Zijn er verschillende strategieën? Moet je bepaalde strategieën aanleren?

To zover even mijn overpeinzingen.