Gerard Dummer

Alles over Onderwijs en ICT.

Browsing Posts tagged pabo

In een vorige post liet ik zien hoe Onderzoekend Leren, 21e eeuwse vaardigheden en ICT samen kunnen hangen. In deze post laat ik opdrachten zien die ik met studenten ga doen. De opdrachten zijn nog niet uitgevoerd en ik krijg er dan ook graag feedback op. Wat mist naar jouw idee? Wat zou anders kunnen? Hoor het graag!

Onderzoekend Leren en de Mogelijkheden Van ICT

Rudolf Bekendam, vierdejaars student van HU Pabo – Utrecht heeft een mooi onderzoek gedaan naar de beginsituatie van bovenbouwleerlingen van Daltonschool Rijnsweerd te Utrecht. Daltonschool Rijnsweerd wil een leerlijn programmeren opzetten. Hierover was echter nog te weinig kennis. In het onderzoek van Rudolf heeft hij gekeken naar de beginsituatie van de leerlingen uit de bovenbouw.

Ik vind het een mooi onderzoek. Om verschillende redenen. Het onderwerp spreekt me aan maar vooral de manier waarop hij het heeft uitgewerkt. Belangrijk uitgangspunt in zijn onderzoek waren namelijk de programmeerconcepten (zoals beschreven door Wilson, Hainey, & Connolly, 2012). Deze programmeerconcepten zorgen voor een tooloverstijgende aanpak van programmeren. In de lijst hieronder zie je de programmeerconcepten op een rij.

Ik denk dat het onderzoek van Rudolf verder helpt in het nadenken over programmeren binnen het Nederlandse basisonderwijs.

Onderzoeksverslag Programmeren – Rudolf Bekendam – Pabo ITT HU 2015

Ruim 130 oefenopgaven staan online voor de kennisbasistoets rekenen voor de pabo. De afgelopen maanden hebben pabo-studenten van de Hogeschool Utrecht onder leiding van Marjolein Kool en Ronald Keijzer hard gewerkt om geschikte oefenopgaven te maken die medestudenten goed voorbereiden op de kennisbasistoets rekenen. De site is onderverdeeld in opgaven over hele getallen, verhoudingen, breuken, procenten en kommagetallen, meten en meetkunde. Ook zijn alle kernbegrippen die van belang zijn opgenomen. Een huzarenklus die door Nico Olofsen van de iPabo is voorbereid.

De site biedt, net zoals de kennisbasistoets rekenen zelf, opgaven die verdeeld zijn over de verschillende gebieden: reken-wiskundekennis specifiek voor de leerkracht basisonderwijs, maatschappelijke relevantie en verstrengeling en kennis van rekenen-wiskunde. Deze driedeling geeft maar weer eens aan hoe complex het beroep van leraar is. Alleen kunnen rekenen is niet voldoende. Ook in staat zijn om de redeneringen te volgen van leerlingen is een belangrijke component.

Het mooie van de site is dat naast de oefenopgaven, je de antwoorden vindt en de uitwerkingen van de antwoorden. Zo kun je nalezen of je eigen antwoorden en redenatie klopt.

De opgaven zijn zo helder mogelijk opgeschreven. Een mooi voorbeeld van zo’n opgave vind ik het Octaal getalstelsel. Veel kernachtiger had deze niet geformuleerd kunnen worden.

Een voorbeeld van een opgave waarin wat meer leeswerk nodig is is de opgave over de overval. Verrassend hoe groot het gebied is.

De studenten hebben de opgaven mogen voorleggen aan rekendocenten van de iPabo, HAN en Marnix. Zelf heb ik mogen helpen met het opzetten van de site. Omdat er geen budget was voor het plaatsen van de site, heb ik gekozen voor een Google Sites. Een laagdrempelige manier om online te publiceren. Jammer genoeg wel met redelijk wat beperkingen maar dat maakt de site niet minder bruikbaar.

Hopelijk helpt de site studenten die de kennisbasistoets rekenen van de Pabo moeten doen. De site blijft in ontwikkeling en feedback is van harte welkom via het feedbackformulier.

Voor onze studenten heb ik een afspeellijst gemaakt met video’s over hoe Windows Moviemaker Live werkt. Het zijn elf video’s die alle stappen van het bewerkproces uitleggen.

Hopelijk hebben anderen hier ook nog wat aan.

De derdejaars studenten van Pabo Amersfoort hadden gisteren een bijeenkomst waarin ze aan de slag gingen met het opstellen van hun leervragen en waarin ze aanbod kregen over de toetsstof. Om iedereen op maat te kunnen bedienen had ik in totaal 21 kleine opdrachtjes klaar staan. Negen opdrachten waren gericht op het verdiepen/ oriënteren op de leervragen waarin ze ICT moeten opnemen. Twaalf opdrachten waren gericht op de praktische toepassing van de theorie die ze voor de toets moeten bestuderen.

In het bestand hieronder zie je die opties allemaal op een rijtje.

Afgelopen jaar heb ik feedback gegeven aan al onze vierdejaars studenten van de Pabo in Amersfoort op de plannen die ze hadden bedacht voor hun startbekwame bewijzen voor ICT en Onderwijs. Ik deed dit via een Google Doc-bestand waarin alle studenten hun opzet typten. Grote voordeel van deze manier van werken was dat ik maar één bestand hoefde te openen en direct iedereen via Opmerkingen feedback kon geven. Studenten konden mijn gegeven feedback lezen en ook zien wat ik wel goed keurde en wat niet.

Dit jaar probeer ik het nog efficiënter aan te pakken. Uit alle aanvragen die studenten hebben gedaan heb ik 9 mogelijkheden geformuleerd waar studenten voor zouden kunnen kiezen. Die 9 mogelijkheden voor startbekwame bewijzen voor ICT en Onderwijs laten zien welke eisen ik stel aan het werk dat studenten inleveren. Het voorkomt hopelijk dat ik steeds dezelfde feedback moet geven aan verschillende studenten.

Als voorbeeld heb ik hieronder het document gezet waarin ik aangeef aan welke eisen het bewijs moet voldoen als een student een creatieve opdracht, zoals een lipdub of doodle music video, met de leerlingen wil maken.

Startbekwaam bewijs – ICT in een creatieve opdracht

De andere voorbeelden voor startbekwame bewijzen zijn:

 

In elk voorbeeld wordt ook een verwijzing gemaakt naar het document Onderwijsvisie en ICT. Dat document vind je hieronder. Het geeft handvatten om eigen visie op te schrijven.

Onderwijsvisie en ICT by Gerard Dummer

Ik ben benieuwd wat anderen van deze opzet vinden. Laat het me maar weten.

Het integreren van ICT in de lerarenopleiding is een complex proces. In dit artikel beschrijf ik een fictief voorbeeld waarin de stappen staan waarop het proces om ICT te integreren in de lerarenopleiding zou kunnen verlopen. Het artikel is bedoeld als beeldvorming voor opleiders en managers hoe het proces van integratie van ICT in een lerarenopleiding zou kunnen verlopen.

Voorbeeld om ICT te integreren in de lerarenopleiding.pdf by Gerard Dummer

In een verkennend artikel heb ik gekeken wat de doelen zouden kunen zijn voor een pabo-student om ICT in te kunnen zetten ten behoeve van de rekenwiskundige ontwikkeling van kinderen. In het artikel lees je hoe ik tot deze doelen ben gekomen en geef ik voorbeelden per doel. De geformuleerde doelen luiden:

  1. De student kan vanuit de context van zijn onderwijs de inzet van ICT-middelen ten behoeve van de rekenwiskundige ontwikkeling van leerlingen onderbouwen.
  2. De student kan de inzet van ICT ten behoeve van de didactiek die hoort bij de verschillende fasen van de rekenwiskundige ontwikkeling van leerlingen onderbouwen.
  3. De student kan ICT-middelen inzetten om de rekenwiskundige ontwikkeling van leerlingen te organiseren en te verantwoorden.
  4. De student beschikt over instrumentele vaardigheden om ICT-middelen in te zetten ten behoeve van de rekenwiskundige ontwikkeling van leerlingen.
  5. De student weet hoe hij op de hoogte blijft van de nieuwste mogelijkheden om ICT-middelen in te zetten om tegemoet te komen aan de rekenwiskundige ontwikkeling van leerlingen. De student is in staat om hierbij zelf ook digitale middelen in te zetten.
  6. De student is in staat om nieuwe vakinhouden voor de rekenwiskundige ontwikkeling door de technologische vooruitgang te herkennen en te vertalen naar zijn onderwijs.

Natuurlijk sta ik open voor feedback op dit verkennend artikel.

ICT inzetten ten behoeve van de rekenwiskundige ontwikkeling van kinderen.pdf by Gerard Dummer

 

Hoe kunnen we ICT integreren in de lerarenopleiding? Die vraag stond centraal in de bijeenkomst die ik vandaag heb verzorgd op Driestar Hogeschool. Op uitnodiging van Michel Vaders heb ik verteld welke ervaringen wij hiermee hebben op Hogeschool Utrecht (Pabo Amersfoort).
Het was een bijeenkomst waar we met behulp van de presentatie die ik had voorbereid een mooie discussie hebben gevoerd. Ik had een aantal invalshoeken voorbereid: vanuit een voorbeeldopdracht theoretische concepten toelichten, twee modellen voor ICT-integratie in de lerarenopleiding, vanuit een opleidingsdidactiek nadenken over ICT-integratie en laten zien van praktische voorbeelden van hoe je ICT zou kunnen integreren.
In de bijeenkomst hebben we uiteindelijk gekozen voor de invalshoek van de opleidingsdidactiek en de praktische voorbeelden. Het was voor het eerst dat ik met behulp van een opleidingsdidactiek heb aangegeven hoe je studenten ICT-competent kunt maken. Ik heb hierbij gekozen voor het concern based model van Fuller en Brown. In de presentatie hieronder vind je die op dia 64 tot en met 70. Ik ben benieuwd wat anderen van deze opbouw in opdrachten vinden die aansluiten bij de concerns van de studenten.

In januari 2012 is het rapport Een goede basis, advies van de Commissie Kennisbasis Pabo verschenen. In deze blogpost sta ik stil bij de volgende punten:

  • wat houdt dit rapport in
  • wat zijn de belangrijkste adviezen die de commissie doet
  • Op welke manier komt ICT terug in dit advies?
  • Wat vind ik van de manier waarop ICT in dit advies terug komt?

wat houdt dit rapport in
Doel van het rapport is om te komen tot een het antwoord op de vraag: wat is het vakinhoudelijke profiel van de beginnende leraar basisonderwijs? Aanleiding voor dit rapport was de ontwikkeling van de 14 kennisbases, geïnitieerd door de HBO-raad. Aanleiding hiervoor weer waren discussies over breedte en diepte van het (kennis)niveau de Pabo-studenten.

wat zijn de belangrijkste adviezen die de commissie doet
De belangrijkste adviezen zijn de volgende:

  1. Eisen stellen aan de instroom
  2. Ontwikkelen van een beperkt kerncurriculum voor alle vakken
  3. Landelijke toetsing als extra garantie voor (een deel van) dat kerncurriculum
  4. Ontwikkelen van mogelijkheden tot profilering op één of meer vakken
  5. Aanvullende bewkaamheidseisen in de inductieperiode

De commissie geeft aan dat er hogere eisen gesteld moeten worden aan de instroom zodat de Pabo zich niet hoeft te richten op bijspijkeren van studenten die het gewenste beginniveau nog niet hebben.
Het kerncurriculum bestaat uit de vakken: aardrijkskunde, geschiedenis, natuur en techniek, geestelijke stromingen, muziek, dans en drama, beeldend onderwijs, Engels, handschrift en bewegingsonderwijs. Voor deze vakken geldt: liever een paar onderwerpen goed dan alles er in stoppen. Het gaat hierbij om vier elementen:

  • Wat is de specifieke positie van deze vakken in de basisschool
  • Wat is de conceptuele basisstructuur van de vakken
  • Hoe ontwikkelen kinderen zich in grote lijnen met betrekking tot deze vakken
  • Waar zitten raakpunten en combinatiemogelijkheden tussen de vakken onderling.

Over de toetsing zegt de commissie dat het een aanbeveling zou zijn om te streven naar gemeenschappelijk te ontwikkelen diagnostische toetsen over de volle breedte van het kerncurriculum. Voor een beperkt aantal vakken zouden er toetsen moeten komen die een certificerende functie hebben door ze verplicht te stellen en een landelijke cesuur te geven. Het gaat daarbij om de vakken: Engels, aardrijkskunde, geschiedenis, natuur en techniek.
Een student moet zich verder naast het kerncurriculum kunnen specialiseren. De opleidingen krijgen zelf ruimte om deze specialisatie vorm te geven. Uitgangspunt wel is dat in elke profilering in ieder geval het profieldeel van één vak is verwerkt.
Tot slot adviseert de commissie dat er in de inductieperiode (drie tot vijf jaar na afstuderen) ruimte moet komen voor aanvullende professionalisering.
De commissie geeft aan dat de vijf adviezen in samenhang moeten worden uitgevoerd. De ene helft uitvoeren en de andere niet werkt niet.

Op welke manier komt ICT terug in dit advies?
ICT komt op verschillende manieren terug in het rappoprt. Het komt terug in de verschillende kenisbases en in bijlage 1 waarin de generieke kennisbasis wordt besproken. Ik zal per kennisbasis aangeven op wat voor manier ICT hierin is opgenomen.

Kennisbasis aardrijkskunde
ICT is in het kerndeel opgenomen onder het kopje De samenhang met andere vakken:

4.3 De student kan didactische hulpmiddelen kiezen voor het ontwikkelen van onderzoeksvaardigheden bij kinderen. De student kan eigentijdse ICT-hulpmiddelen kiezen bij het bepalen van werkvormen en benoemt in zijn verantwoording de relatie met de kwaliteitsverhoging van het aardrijkskunde onderwijs.

Kennisbasis geschiedenis
ICT is in het kerndeel opgenomen onder het kopje De samenhang met andere vakken:

4.3 De student kan aangeven hoe mediadidactiek en mediawijsheid in het geschiedenisonderwijs worden toegepast.

Kennisbasis Natuur en techniek

ICT is expliciet opgenomen in het kerndeel onder het kopje De samenhang met andere vakken:

4.3 De student kan eigentijdse ICT-hulpmiddelen kiezen bij het bepalen van werkvormen voor natuur en techniek.

Onder het kopje Structuur van het vak gaat het ook nog over technologie:

2.3 De student kan natuurwetenschappelijke en technologische denk- en werkwijzen hanteren bij het onderzoeken en ontwerpen.

Kennisbasis geestelijke stromingen

ICT komt hier aan bod in het profieldeel:

2.3 De student geeft voorbeelden van de samenhang tussen de tijdsgeest, de cultureel-maatschappelijke conctext enerzijds en de opvattingen en uitingen van kinderen en volwassenen anderzijds. Hij onderkent het belang van beeldvorming in dit verband, met name via de media.

Kennisbasis Muziek

ICT is in het kerndeel van Muziek opgenomen onder het kopje De samenhang met andere vakken:

4.3 De student kan eigentijdse ICT-hulpmiddelen kiezen bij het bepalen van de werkvormen voor muziek.

In het profieldeel is onder het kopje Het vak en de leerlingen het volgende over ICT opgenomen:

3.4 De student kan inspelen op het gegeven dat leerlingen buiten de basisschool muzikaal gevormd worden door het downloaden van muziek, het met elkaar uitwisselen van muziek en muziek bij games en andere media.

Kennisbasis Dans en drama

ICT komt in het kerndeel aan bod onder het kopje Het vak en de leerlingen:

3.3 De student kan keuzes maken voor het gebruik van digitaal beeld- en geluidsmateriaal en software, vanuit de relevantie voor de betreffende leeftijdsgroep.

In het profieldeel staat onder het kopje Het vak en de leerlingen is ICT als volgt opgenomen:

3.4 De student kan inspelen op het gegeven dat leerlingen buiten de basisschool mede gevormd worden door dans en drama/ theater op televisie, internet en via andere media

Kennisbasis beeldend onderwijs

In het belang van het vak voor beeldend onderwijs staat dat we leven in een beeldcultuur. Dat beïnvloedt ons. Deze beelden dragen bij aan de ontwikkeling van kinderen. In het kerndeel staat onder het kopje De samenhang met andere vakken het volgende:

4.3 De student kan keuzes maken voor het gebruik van digitaal beeldmateriaal en software vanuit de relevantie voor beeldend onderwijs en de betreffende leeftijdsgroep.

In het profieldeel staat onder het kopje Het vak en de leerlingen dat:

3.4 De student kan inspelen op het gegeven dat leerlingen buiten de basisschool mede gevormd worden door de hedendaagse beeldcultuur op televisie, internet en via andere media.

Kennisbasis Engels

In het kerndeel staat ICT onder het kopje De samenhang met andere vakken:

4.3 De studenten kan voorbeelden geven van toepassing van mediadidactiek en mediawijsheid in het onderwijs Engels.

Kennisbasis Handschrift

In het kerndeel staat ICT als onderdeel van de structuur van het vak:

2.2 De student heeft kennis van verschillende materialen (potlood, fineliner, vulpen, gelpen, balpen, toetsenborden) en schriftdragers en kan de invloed op het proces en de vormgeving (product, geschreven tekst) beschrijven bij kinderen.

ICT in de generieke kennisbasis

In het rapport staat het volgende over ICT in de kennisbases en de generieke kennisbasis:

Er is geen aparte kennisbasis voor ICT en media. Deze is opgenomen in de kennisbasis generiek. De toepassing van deze kennis doorsnijdt het hele beroepsmatig handelen van een eigentijdse leraar basisonderwijs. Het maakt daarmee integraal deel uit van alle kennisbases. ICT en media zijn zowel inhoud van onderwijs als middel om eigentijds onderwijs te verzorgen in alle vakken. Juist door er geen aparte kennisbasis voor te definiëren wordt benadrukt dat dit thema expliciet in alle vakken dient terug te komen. Waar mogelijk en relevant zijn in de vakken ICT-doelen opgenomen, te combineren met meer generieke kennis van mediadidactiek.

Wat vind ik van de manier waarop ICT in dit advies terug komt?
Ik ben blij dat ICT in alle kennisbases expliciet is opgenomen als onderdeel. Het is als onderdeel opgenomen in de kerndelen van de kennisbases. Ik zie dat in de meeste kennisbases ICT als didactisch hulpmiddel wordt ingezet. Je zou kunnen zeggen: de Technological Pedagogical Knowledge. Bij een aantal vakken (beeldend onderwijs bijvoorbeeld) zie je dat ook duidelijk wordt gemaakt dat ICT de inhoud van het vak ook verandert (de Technological Content Knowledge). In de generieke kennisbasis wordt duidelijk dat het zowel de didactiek als de inhouden kan veranderen (en dat je als leerkracht dus TPACK-competent moet zijn).
In de verschillende kennisbases worden verschillende terminologieën gebruikt zoals ICT-hulpmiddelen, mediadidactiek en mediawijsheid. Die laatste twee zijn belangrijke termen. Wel enigszins generiek en daarmee op meerdere manieren in te vullen.

Dekt dit ook de Kennisbasis ICT zoals die door ADEF is geformuleerd? Dat vind ik lastig te zeggen. Het zou kunnen als in de uitwerking van de curricula de rol van ICT nadrukkelijk wordt meegenomen. Dat betekent dat ICT-experts op alle Pabo’s betrokken moeten worden bij de verdere ontwikkelingen. Die kunnen er voor zorgen dat ICT expliciet terug komt in de toetsing. Dat geldt niet alleen voor de kennistoetsen maar ook voor toetsen die meer een beroep doen op de toepassing van de kennis. Is de kennis van ICT-hulpmiddelen, mediadidactiek en mediawijsheid niet expliciet vastgelegd in de toetsing dan ondermijnt dit de borging van ICT in het opleidingsonderwijs.

Tot slot. Alle kennisbases zijn verdeeld in een kerndeel en profileringsdeel. In het basisdeel gaat het er eigenlijk om dat een student in staat moet zijn om bestaand onderwijs (kort door de bocht geformuleerd) uit te kunnen voeren. In het profileringsdeel moet een student ook in staat zijn om onderwijs op basis van leerlijnen te ontwerpen. Dit heeft, denk ik, ook effect op de manier waarop studenten ICT zullen toepassen. In het kerndeel vooral aansluitend bij het bestaande onderwijs. In het profileringsdeel ook als middel om nieuw onderwijs vorm te geven. Vertaald in de Kennisbasis ICT zal dit betekenen dat studenten in het kerndeel in staat moeten zijn om te arrangeren en in het profileringsdeel ook in staat moeten zijn om te ontwikkelen.