Gerard Dummer

Alles over Onderwijs en ICT.

Browsing Posts tagged webwandeling

Binnenkort starten we op Hogeschool Domstad met het nieuwe thema voor de eerstejaars studenten. Dit thema, lesgeven en begeleiden, is het eerste thema waarin studenten met ICT en onderwijs te maken krijgen. In 5 bijeenkomsten willen we met de studenten aan de slag rondom dit thema. In de eerste bijeenkomst doen de studenten mee met een modelles. In die modelles laten we zien op welke manier je ICT in kunt zetten in de inleiding en de verwerking van de les. We volgen hier redelijk het Directe Instructiemodel. Waarover in een latere post meer

Onderdeel van de les is de individuele verwerking. Voor deze individuele verwerking heb ik bedacht om de studenten een webpad (of webwandeling) te laten doorlopen over het onderwerp dat centraal staat in de les: De Olympische Winterspelen van 2010. Omdat dit een wereldoriënterend thema is wil ook rekening houden met de georgrafische vierslag en het multiperspectivisch kijken.

De geografische vierslag bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Waarnemen/beschrijven: wat zie ik? waar zie ik het? hoe ziet het eruit?
  • Herkennen: heb ik dat ergens anders meer gezien?
  • Verklaren: hoe komt dat? Waarom daar? Waarom niet ergens anders?
  • Waarderen: wat vind ik ervan? Wat vinden anderen ervan? Kan het ook anders?

Bij multiperspectivisch kijken belicht je een onderwerp vanuit verschillende invalshoeken:

  1. Economisch
  2. Sociaal
  3. Politiek
  4. Cultureel
  5. Individueel
  6. Natuurlijk

In deze post ga ik alleen in op de geografische vierslag.


Waarneemvraag

Een waarneemvraag in het kader van de Olympische Winterspelen zou kunnen zijn:


Waar worden de Olympische Winterspelen in 2010 gehouden?

Het antwoord op zo’n vraag kun je gemakkelijk opzoeken. Dat kan op verschillende manieren. In een webwandeling kun je de vraag direct koppelen aan een website. Bijvoorbeeld door onder de vraag te verwijzen naar het portaal van WikiKids over de Olympische Winterspelen. Je kunt ook via een zoekmachine deze vraag beantwoorden door zoektermen te gebruiken.

Zo geven de zoekwoorden Olympische Winterspelen op de kinderzoekmachine meestersipke.nl het volgende resultaat.

Herkenningsvraag
De tweede stap uit de geografische vierslag is de vraag of ik het herken. Heb ik het ergens anders meer gezien. Een vraag in dit kader zou kunnen zijn:

Waar zijn in voorgaande jaren Olympische Winterspelen georganiseerd?

Ook die vraag is redelijk makkelijk te beantwoorden met behulp van internet door het geven van een website of zoekopdracht.

Verklaringsvraag
Bij de de derde vraag in de geografische vierslag gaat het om verklaren. Een voorbeeld van zo’n vraag zou, in het kader van de Olympische Winterspelen 2010, kunnen zijn:

Hoe komt het dat de Olympische Winterspelen wel in Vancouver, Canada georganiseerd kunnen worden en niet in Nepal in het Himalayagebergte?

Bij deze vraag kun je hoogstwaarschijnlijk niet uit met één website waarop je het antwoord kunt vinden. Bij deze vraag moet je verschillende feiten en begrippen, kennis en inzichten met elkaar kunnen combineren. Moet je informatie van verschillende websites met elkaar combineren. Moet je weten naar wat voor soort informatie je op zoek bent om het antwoord te kunnen geven.

De verklaringsvraag is wel wezenlijk voor de aardrijkskunde omdat je verschijnselen met elkaar in verband brengt. Maar het lijkt me voor leerlingen van het basisonderwijs erg lastig om dat zelfstandig te doen.

Om de vraag te kunnen beantwoorden moet je eerst antwoord hebben op vragen die er voor zorgen dat je kennis en inzicht krijgt.

Je moet als leerling weten dat de Olympische Spelen veel geld kosten. Geld dat nodig is om stadions te kunnen bouwen, onderkomens voor de sporters te kunnen bouwen en infrastructuur om sporters te vervoeren. De plek waar de Spelen plaats vinden moet stabiel zijn zodat de sporters geen gevaar lopen. De Spelen worden gehouden in een land dat de Spelen belangrijk vind om te organiseren omdat het bijvoorbeeld zelf ook meedoet met de winterspelen. En natuurlijk moet het landschap geschikt zijn om winterspelen in te houden.

Om leerlingen met behulp van een webwandeling zo ver te krijgen dat ze een verklaringsvraag kunnen beantwoorden moet je hen veel vragen laten beantwoorden die hen op weg helpen. Voorzetjes geven zodat het antwoord daaruit logisch volgt. In het geval van bovenstaande vraag moet je ook nog eens de situatie vergelijken van Canada en Nepal.

Waarderingsvraag
Een waarderingsvraag kan ook alleen maar beantwoord worden als eerst kennis- en begripsvragen zijn gesteld. De vraag:


Wat vind je van de Olympische Winterspelen

kun je alleen maar goed beantwoorden als je weet wat de Olympische Winterspelen inhouden. En die vraag (wat houden de Olympische Winterspelen in) zou je moeten onderverdelen weer in subvragen die ervoor zorgen dat je geen al te globaal antwoord krijgt (als je dat niet wilt).

Conclusie
Kortom: een webwandeling leent zich gemakkelijk voor het beantwoorden van waarnemings- en herkenningsvragen en een stuk lastiger voor verklarings- en waarderingsvragen.

Vandaag heb ik de didactiekpagina van werkenmetgoogleearth in de testomgeving online gezet. Ik heb voor dit onderdeel de informatie verdeeld over vijf pagina’s:

Het is een redelijk uitgebreid onderdeel geworden. De pagina is vooral bedoeld voor iedereen die zelf lessen rondom Google Earth wil ontwerpen.

Op de pagina Doelen vind je vooral informatie over de doelen waaraan je kunt werken als je met Google Earth aan de slag wilt in het onderwijs. Ik maak hierbij onderscheid in vakinhoudelijke en vakoverstijgende doelen. Het is een grove indeling vind ik zelf maar biedt daardoor genoeg ruimte voor eigen invulling.

Op de pagina werkvormen ga ik in op de indeling die ik voor de werkvormen heb gekozen (ook hier weer een simpele structuur gekoppeld aan de structuur van een les) en laat ik verschillende mogelijkheden zien om Google Earth te gebruiken bij de introductie van een les. Dit vond ik zelf erg leuk om te doen moet ik zeggen. De opdrachten zijn snel te maken en laten leerlingen heel gericht kijken.

Op de pagina Verwerking ga ik in op de verschillende werkvormen die mogelijk zijn. Ik licht twee toe: de digiles/ webwandeling en de webquest (earthquest). Ik sta daarbij uitgebreid stil bij de verschillende media die je kunt gebruiken om informatie over te dragen en de vragen die je kunt stellen. Speciale aandacht daarbij verdienen de geografische vragen (gebaseerd op de geografische vierslag). Er zijn ook twee voorbeeldlessen te vinden: Rotterdam en De Beemster.

Op de pagina afronding laat ik zien welke mogelijkheden Google Earth zelf biedt om een verwerking vorm te geven en daarmee de doelen die je gesteld hebt te toetsen. De laatste optie die ik op deze pagina noem is het maken van modellen in sketchup waarbij ik een heel eenvoudig voorbeeld heb opgenomen.

Tot slot de pagina GIS en GPS. Dit is een korte pagina. Misschien dat deze in de toekomst nog uitgebreid wordt. Google Earth biedt steeds meer mogelijkheden om als echte GIS-applicatie op te treden. Een voorbeeld heb ik hiervan opgenomen over Maastricht.

Het maken van de didactiekpagina heeft me aardig wat tijd gekost. Maar zelf ben ik er tevreden over. Ik heb trouwens dankbaar gebruik gemaakt van de adviezen van Anton Bakker en Hans Broere, aardrijkskundedocenten op de Ipabo en Hogeschool Domstad. Met hen heb ik uitgebreid gesproken over het opzetten van aardrijkskundelessen en het integreren van Google Earth hierbij. Hun tips en opmerkingen heb ik zoveel mogelijk verwerkt op deze pagina.
Verder heb ik (schaamteloos) gebruik gemaakt van een prachtig sjabloon van Peter Blijleven om de earthquest, webwandelingen en inleidingen vorm te geven.

Na deze pagina ga ik verder met de Handleidingen en Opdrachten.

Deze week verder gewerkt aan de Didactiekpagina van de website www.werkenmetgoogleearth.nl. Deze is bijna klaar nu. Onderdeel van de pagina zijn ook twee voorbeelden van een webwandeling waarin Google Earth gebruikt wordt en een earthquest (webquest met Google Earth).
De webwandeling die ik heb opgenomen op de Didactiekpagina gaat over de haven van Rotterdam. Deze is gebaseerd op de les die al op de wiki stond. De leerlingen maken kennis met de Rotterdamse haven, leren wat er gebeurt in een haven, waarom een haven belangrijk is en welke grote havens er nog meer in de wereld zijn.
De vragen die in de webwandeling aan bod komen zijn gebaseerd op de geografische vierslag.

De webquest die ik op de Didactiekpagina heb opgenomen gaat over De Beemster. De leerlingen leren hierbij wat een polder is, wat een droogmakerij is de functies van molen als poldermolen, wat boeren verbouwen in het gebied De Beemster en wat dit betekent voor het waterpeil, wat het begrip “werelderfgoed” betekent.